Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014

Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:526.

Het hof heeft dit betoog kennelijk als niet-essentieel gepasseerd. Dit is niet onbegrijpelijk, nu juist het omgekeerde zich laat verdedigen: de omstandigheid dat, zoals het hof heeft geoordeeld, het nieuwe (tot hogere tarieven leidende) retributiebeleid geldt als besluit in de zin van art. 3 AV70 dat uit dien hoofde mag worden toegepast bij verlenging op de voet van art. 16 AV70, brengt niet mee dat het Hoogheemraadschap de vrijheid is ontnomen om bij periodieke herziening op de voet van art. 4 AV70 om hem moverende redenen de oude, tot lagere tarieven leidende systematiek te blijven hanteren. Voor de veronderstelling dat dit inderdaad de gedachtegang van het hof is geweest, vind ik steun in rov. 28 (jo rov. 10), alwaar wordt overwogen, kennelijk met het oog op art. 4 AV70, “dat het Hoogheemraadschap, hoewel het naar het oordeel van het hof in beginsel de systematiek voor opstalhouders onder de AV70 ook tussentijds had kunnen wijzigen, daarvoor niet heeft gekozen”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb, en de alinea staat in dat document op bytes 37620 tot 38616.