Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014

Onder 2.11 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:534.

De bevoegdheid daartoe is een neerslag van hetgeen rechtstreeks uit art. 133 lid 4 Rv. voortvloeit en in art. 1.7 pilotreglement is opgenomen. Art. 133 lid 4 Rv. is op zijn beurt weer een operationalisering van art. 20 Rv., waarin de rechter is opgedragen te waken tegen onredelijke vertraging van de procedure en zo nodig, op verzoek van een partij of ambtshalve, rekening houdend met de belangen van partijen maatregelen te treffen zoals te bepalen dat het recht om te concluderen is vervallen .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0761b36456539fee68b2b616afa2ed3439e1c72cb1729886d56e39d9dcce2fc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0761b36456539fee68b2b616afa2ed3439e1c72cb1729886d56e39d9dcce2fc, en de alinea staat in dat document op bytes 25684 tot 26386.