Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2014

Onder 5.8 Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:584.

De terugmeldplicht ten aanzien van authentieke gegevens waaraan wordt getwijfeld moet mijns inziens eveneens worden gezien in de context van de basisregistratie als gegevenshuishouding van de overheid. Alleen wanneer die gegevenshuishouding op orde is, kan zij immers voldoen aan haar doelstellingen. Aan die terugmeldplicht, c.q. het verzuimen daarvan, kan mijns inziens dan ook niet zoveel waarde worden gehecht als het Hof doet. Uit de door het Hof vastgestelde feiten blijkt niet dat de Inspecteur reeds lang vóór het afgeven van de bestreden beschikking wist dat het kentekenregister een onjuistheid bevatte. Dat de Inspecteur verweten kan worden dat hij de RDW niet heeft ingelicht over de onjuiste datum van eerste toelating nadat hij daarnaar onderzoek had gedaan naar aanleiding van belanghebbendes verzoek om teruggaaf, moge zo zijn. Hij had zich daarmee het in principe voorgeschreven verplichte gebruik van het kentekenregister kunnen besparen. Dat verzuim kan mijns inziens evenwel niet met zich meebrengen dat de Inspecteur daarmee ‘de mogelijkheid verspeelt (…) af te wijken van het in het BRK geregistreerde (onjuiste) gegeven’, zoals het Hof heeft overwogen. Dat volgt mijns inziens noch uit de wettekst noch uit de wetsgeschiedenis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b669fc6adc313d8a3518aa46215e07eef2c708b7971911ea3d34f4aba2b709b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b669fc6adc313d8a3518aa46215e07eef2c708b7971911ea3d34f4aba2b709b3, en de alinea staat in dat document op bytes 118406 tot 119806.