Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2014

Onder 3.22 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:6.

Waar aan de door het hof aangenomen onrechtmatigheid van de beslissing op bezwaar jegens [verweerster] kennelijk heeft bijgedragen dat volgens het hof de burgemeester geen goede reden had de gevraagde vergunningen op grond van art. 1.7 APV te weigeren, strekt het subonderdeel ten betoge dat (ook) een mogelijke schending van art. 1.7 APV niet (mede) aan de onrechtmatigheid van de beslissing op bezwaar jegens [verweerster] ten grondslag kan worden gelegd, omdat (ook) die bepaling niet strekt tot bescherming van het belang waarin [verweerster] stelt te zijn getroffen. In die zin is het subonderdeel terecht voorgesteld. De financiële belangen van [verweerster] zijn niet rechtstreeks bij de op art. 1.7 APV gegronde weigering van de door [betrokkene 1] gevraagde vergunningen betrokken en behoefden met het oog op de toepassing van die bepaling niet op de voet van art. 3:4 lid 1 Awb door de burgemeester in de belangenafweging te worden betrokken en te worden ontzien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/075e9c2384b4e1378805e7657b9101479b09263b299602421da2c4716e618664. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 075e9c2384b4e1378805e7657b9101479b09263b299602421da2c4716e618664, en de alinea staat in dat document op bytes 85336 tot 86323.