Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2014
Onder 2.15 Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:618.
De aanvang van de verzettermijn is daarentegen lastiger te bepalen. In art. 143 lid 2 en 3 Rv. wordt daarvoor aangeknoopt bij drie van elkaar losstaande omstandigheden, namelijk: (i) de betekening van het verstekvonnis aan de gedaagde in persoon (art. 143 lid 2 Rv.), (ii) een door de gedaagde in persoon gepleegde daad van bekendheid met het verstekvonnis of de aangevangen tenuitvoerlegging (art. 143 lid 2 Rv.) en (iii) de dag waarop het verstekvonnis ten uitvoer is gelegd (art. 143 lid 3 in verbinding met art. 144 Rv.). De omstandigheid die zich het eerst voordoet, bepaalt het moment waarop de verzettermijn aanvangt .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f253f36b9256c7455dca487eb81ce94000ec8d2100cd20566f5bcb52631f132e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f253f36b9256c7455dca487eb81ce94000ec8d2100cd20566f5bcb52631f132e, en de alinea staat in dat document op bytes 24716 tot 25417.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f253f36b9256c7455dca487eb81ce94000ec8d2100cd20566f5bcb52631f132e | shasum -a 256