Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014

Alinea 145 Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:632.

Art. 8 EVRM beschermt (voor zover hier van belang) het recht op privéleven. Niet alleen zijn de lidstaten gehouden dit recht actief te eerbiedigen, maar ook de rechtspraak binnen die lidstaten is gehouden bij een beroep op schending van art. 8 EVRM actief te toetsen of daarvan sprake is. In zoverre is derhalve, net als bijvoorbeeld bij art. 6 EVRM, wel sprake van een ‘directe werking’ van dit mensenrecht en kan het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer ook in civielrechtelijke relaties worden ingeroepen. In het burgerlijk recht kan schending van de privacy als vervat in art. 8 EVRM derhalve, bijvoorbeeld, een onrechtmatige daad opleveren in de zin van art. 6:162 BW. Een dergelijke beoordeling vindt niet alleen plaats bij geschillen tussen overheid en burger (‘de onrechtmatige overheidsdaad’), maar tevens bij geschillen tussen burgers en/of rechtspersonen waarin met een beroep op art. 8 EVRM wordt aangevoerd dat sprake is van een onrechtmatige daad. Dat het Hof in afwijking van het gevoerde verweer een dergelijke schending in de onderhavige zaak heeft vastgesteld, getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting. Reden voor niet-ontvankelijkheid en verwijzing naar de burgerlijke rechter levert deze rechtens evidente kwestie niet op. In het licht van de vastgestelde feiten en omstandigheden is het oordeel van het Hof ook niet onbegrijpelijk en meer respons van de zijde van het Hof was in dezen niet vereist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8, en de alinea staat in dat document op bytes 60685 tot 62212.