Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:632.

Ten overvloede merk ik op dat ook indien het middel hier ten aanzien van een deel van de bewijsvoering een terechte klacht zou behelzen, geldt dat casseren op dit punt enkel zou leiden tot het alsnog noemen van de precieze paginanummers, die de steller van het middel zo te lezen inmiddels overigens ook zelf heeft achterhaald. Met het oog op de ontwikkelingen in de cassatierechtspraak met het in werking getreden art. 80a RO heeft te dezen te gelden dat een nieuwe behandeling van de zaak niet tot een andere uitkomst ten aanzien van de motivering van de bewezenverklaring zal leiden, zodat de verdachte in cassatie niet een voldoende in rechte te respecteren belang heeft bij zijn klacht. De twee daartoe in het middel genoemde uitspraken van het EHRM zien op andere situaties en doen aan het voorgaande niet af. Dat de strafzaak zeer omvangrijk is en derhalve ’s Hofs arrest en de daarop gegeven aanvulling evenzeer, lijkt me overigens geen aan het Hof te wijten omstandigheid. Het middel faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8, en de alinea staat in dat document op bytes 12254 tot 13398.