Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014
Alinea 253 Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:632.
“Naar aanleiding van de Amsterdamse zedenzaak heb ik de Tweede Kamer toegezegd het mogelijk te maken dat ouders van minderjarige kinderen die als gevolg van een strafbaar feit ten behoeve van hun kind kosten hebben gemaakt zich kunnen voegen in het strafproces om deze kosten op de dader te verhalen (Kamerstukken II 2012-2013, 33 552, p. 5). Dat is nu niet mogelijk omdat artikel 51f van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) alleen slachtoffers zelf de mogelijkheid biedt om de schade die zij hebben geleden, in het strafproces als benadeelde partij op de dader te verhalen, aangevuld met enkele bepalingen voor nabestaanden van overleden slachtoffers (zie Hof Amsterdam 26 april 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ8885). Het wetsvoorstel voorziet in de mogelijkheid dat naasten en nabestaanden zich kunnen voegen als benadeelde partij in het strafproces ter zake van de vergoeding van affectieschade. Die mogelijkheid wordt ook geopend voor derden voor de kosten die zij ten behoeve van het slachtoffer van een strafbaar feit hebben gemaakt. Dit betreft de kosten die zij op grond van artikel 6:107 lid 1 BW kunnen vorderen in plaats van de gekwetste zelf. Het gaat hier dus om verplaatste schade. De totaliteit van de door de dader te vergoeden schade wordt door de aanspraak van de derde niet verhoogd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8, en de alinea staat in dat document op bytes 112827 tot 114147.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8 | shasum -a 256