Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014
Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:632.
10.4. In de onderhavige zaak heeft het Hof geoordeeld dat het niet zal adviseren tot een eerdere aanvang van de TBS en daartoe in het bijzonder in aanmerking genomen de ernst van de feiten, de omvangrijke schaal waarop die hebben plaatsgevonden, de schade die aan kinderen is berokkend en het leed dat gezinnen is aangedaan. Dat het Hof op grond van die factoren anders oordeelt dan de verdediging voorstaat, is niet onbegrijpelijk. Juist de combinatie met de oplegging van een gevangenisstraf maakt dat er, kort gezegd, ook reden en plaats is voor vergelding en niet uitsluitend of grotendeels voor behandeling. Het Hof heeft dan ook terecht overwogen dat de deskundigen weliswaar een spoedige behandeling voorstaan vanuit het door hen te hanteren behandelperspectief, maar dat het Hof in het kader van de strafoplegging bij het al dan niet verstrekken van een advies als bedoeld in art. 37b lid 2 Sr ook andere factoren in ogenschouw dient te nemen. Gelet op de aan de feitenrechter bij de strafoplegging voorbehouden vrijheid tot het al dan niet verstrekken van een dergelijk advies en de daaraan ten grondslag gelegde toereikende motivering naar aanleiding van het gevoerde verweer faalt ook dit middel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8, en de alinea staat in dat document op bytes 40922 tot 42143.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fee9bb3b6f50d509673b03032a5038f9997ad59e22eea87f9ff1d7661570b5c8 | shasum -a 256