Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014

Onder 4.5. Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:650.

Mijns inziens kan dat niet zonder meer volgen uit de gebezigde bewijsmiddelen voorzover die al redengevend zouden kunnen zijn, gelet op de verklaring die verdachte ter terechtzitting van 23 november 2012 heeft afgelegd. Verdachte heeft verklaard dat hij geld uit handen van zijn vader heeft meegekregen dat nodig was om deel te kunnen nemen aan een autorace. Het geld zou afkomstig zijn van een sponsor en er zou te weinig tijd zijn geweest om dat geld over te boeken. Het was aan verdachte bekend dat zijn vader veroordeeld was voor drugshandel, maar verdachte was ervan uitgegaan dat zijn vader daarmee was gestopt nadat hij in 2001 gevangenisstraf had moeten ondergaan. Dat de vader van verdachte in die periode geen legale inkomsten had, wil nog niet zeggen dat verdachte, die gedurende zijn gehele racecarrière is gesponsord, min of meer aanmerkelijk onachtzaam is geweest bij het aannemen van het geld dat nodig was om zijn deelname aan de race in San José veilig te stellen. De pleitnota van hoger beroep heeft gewezen op verklaringen van personen die bij verdachtes raceteam betrokken waren, waaruit is op te maken dat verdachte inderdaad in die periode door derden is gesponsord en dat er naast die sponsors nog investeerders waren. Dat het, zoals het hof in de bewijsoverweging heeft opgenomen, ging om vervoer en overhandiging van contante bedragen van aanzienlijke omvang wekt, bezien tegen de achtergrond van wat verdachte daarover heeft verklaard en de grote hoeveelheid geld die nodig is om deel te kunnen nemen aan autoraces, nog geen bevreemding. Ook de overige argumenten in de bewijsoverweging zijn naar mijn mening niet toereikend. Waarom het geld contant mee moest worden genomen naar de Verenigde Staten heeft verdachte uitgelegd. Dat verdachte het geld uit handen van zijn vader heeft aangenomen wil nog niet zeggen dat verdachte redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld niet van een sponsor afkomstig kon zijn. Uit de gebezigde bewijsmiddelen en de nadere bewijsoverweging kan niet zonder meer volgen dat de verdachte ten tijde van het voorhanden krijgen en overdragen van het geld redelijkerwijs had moeten vermoeden dat dit afkomstig was uit de opbrengst van enig misdrijf, zoals is bewezenverklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0eddfa8295345f9331d10eb248d2d4b3fe40275c2126f4ac41a8976b2e57f49. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0eddfa8295345f9331d10eb248d2d4b3fe40275c2126f4ac41a8976b2e57f49, en de alinea staat in dat document op bytes 22960 tot 25268.