Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014

Onder 11. Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:657.

Die conclusie kan ik niet onderschrijven. Naar mijn mening heeft het hof terecht overwogen dat het rapport expliciet inhoudt dat geen problemen zijn te ontdekken met betrekking tot de inhoud (volledigheid, accuraatheid en consistentie) of de ontstaansgeschiedenis van [slachtoffer 2]’s verklaring. De gestelde vragen zijn overwegend in orde, er is geen sprake van positieve feedback op ‘gewenste’ antwoorden of van negatieve feedback op ‘ongewenste’ antwoorden en er is geen sprake van druk op [slachtoffer 2] om te vertellen of andere suggestieve opmerkingen. Weliswaar is een aantal keren een suggestieve vraag gesteld, maar dat dit op cruciale momenten zou zijn gebeurd, zoals de raadsvrouw meent, kan ik uit het rapport niet afleiden. Volgens drs. Van der Sleen hebben de suggestieve vragen kennelijk geen afbreuk gedaan aan de betrouwbaarheid van het verhoor als geheel, aangezien zij heeft geconcludeerd dat de kwaliteit van het verhoor niet zodanig is dat de verklaring van [slachtoffer 2] door een beïnvloedende werkwijze van de verhoorder kan zijn ontstaan. Bovendien is naar haar oordeel in het dossier geen steun te vinden voor de mogelijkheid dat [slachtoffer 2] bewust of onbewust is beïnvloed door volwassenen in haar omgeving.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a12defc21552e72076e23a132d29e7b4707ffd869a158367a8aba5ed379818a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a12defc21552e72076e23a132d29e7b4707ffd869a158367a8aba5ed379818a7, en de alinea staat in dat document op bytes 20210 tot 21476.