Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2014

Onder 4.7. Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:66.

De Ontvanger heeft gesteld dat er sprake is van een ernstige verwijtbaarheid bij het accountantsbureau als gevolg waarvan de omzetbelasting niet tijdig op aangifte is voldaan. Hij meent dat sprake is van grove schuld dan wel van voorwaardelijke opzet en dat dit kan worden toegerekend aan de BV. Ter zitting heeft de Ontvanger voorts het standpunt ingenomen dat de BV zelf grove schuld te verwijten valt. Belanghebbende is daarentegen van mening dat geen sprake is van grove schuld, maar van een ongelukkige samenloop van omstandigheden, en voorts is hij van mening dat het handelen van de accountant niet aan de BV kan worden toegerekend voor de toepassing van artikel 7, lid 2, van het Uitvoeringsbesluit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b11c337763415c89f36594cd1882a6e78af2d6871a8dd2ccf0a9adee1e240af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b11c337763415c89f36594cd1882a6e78af2d6871a8dd2ccf0a9adee1e240af, en de alinea staat in dat document op bytes 34771 tot 35491.