Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2014

Onder 28. Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:674.

Het hof is met zijn ‘deelbenadering’ ook niet buiten de grenzen van de rechtsstrijd getreden. Partijen hebben immers betoogd dat de kredietfaciliteit niet mocht worden beëindigd ([verweerster] c.s.), of juist wel mocht worden beëindigd (ING Bank). Hiermee stond het het hof vrij om te komen tot het oordeel dat de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid meebracht dat de kredietfaciliteit niet mocht worden beëindigd voor zover het de geldleningen betrof. Uit het voorgaande volgt dat de klachten die in onderdeel 2 zijn voorgesteld, moeten falen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcb5a801c6aa23e809dfaa135654ff99711b60d0cdf071712368dd0d74a2ac15. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcb5a801c6aa23e809dfaa135654ff99711b60d0cdf071712368dd0d74a2ac15, en de alinea staat in dat document op bytes 77550 tot 78133.