Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 februari 2014

Onder 6.1 Parket bij de Hoge Raad 7 februari 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:68.

HR BNB 1984/29 betrof een abortuskliniek wier statuten bepaalden dat uit een batig saldo na vereffening eerst van overheidswege ontvangen subsidie zou worden terugbetaald en dat een mogelijk restant zou worden besteed aan “een aanverwant doel”. De kliniek achtte zich primair niet-belastingplichtig, en subsidiair subjectief vrijgesteld, nu vrouwen die een abortus willen als “zieken” of “kraamvrouwen” in de zin van art. 5(c) Wet Vpb zouden hebben te gelden. De fiscus bestreed dat standpunt. Het Hof Den Haag achtte een “aanverwant doel” te vaag om aan de winstbestemmingstoets ex art. 4 Uitvoeringsbesluit Vpb te voldoen. Over de subsidiaire stelling overwoog het Hof dat volgens heersende medische en taalkundige opvattingen vrouwen met een abortuswens ziek noch kraamvrouw zijn. De A-G Van Soest concludeerde daarentegen dat zij wel degelijk gelijkgesteld konden worden met zieken, kraamvrouwen of gebrekkigen. U verwierp desondanks het cassatieberoep van de kliniek, overwegende:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de77f8a0cc7259ac0557cbbb77475da8c2eb4fa50b312d04a3f45e6a6cd86bf6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de77f8a0cc7259ac0557cbbb77475da8c2eb4fa50b312d04a3f45e6a6cd86bf6, en de alinea staat in dat document op bytes 65168 tot 66246.