Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2014

Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:682.

Dit verweer berust primair (s.t. onder 5.2 t/m 5.8) op het uitgangspunt dat verjaring van de gezekerde vordering na de (onherroepelijke) beschikking van de voorzieningenrechter van 31 oktober 2001 niet meer tot gevolg kon hebben dat Delta Lloyd c.s. het substitutiepandrecht op de vordering tot uitkering van (het overeenkomstige deel van) het liquidatiesaldo niet meer konden uitoefenen. Volgens Delta Lloyd c.s. was het pandrecht immers reeds uitgeoefend met het verkrijgen van de beschikking ex art. 3:251 BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fa814c940d51b2e485a3ad13af71705344d3dc7d9ac947743a3a5ef43f783ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fa814c940d51b2e485a3ad13af71705344d3dc7d9ac947743a3a5ef43f783ab, en de alinea staat in dat document op bytes 31759 tot 32320.