Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2014
Onder 20. Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:689.
Op 17 januari 1983 werd [aanvrager] door de politie Hilversum verhoord als getuige. Hierin verklaarde hij afwijkend van wat hij eerder als getuige had verteld. Om 13.00 uur werd besloten hem als verdachte aan te houden. [aanvrager] ontkende zich schuldig te hebben gemaakt aan de moord op [slachtoffer]. [aanvrager] erkende de drie telefoongesprekken van 10 en 11 januari 1983 te hebben gevoerd en vroeg de rechercheurs, wat dit hem voor straf kon opleveren, of hij psychisch behandeld kon worden en welke gevolgen dit voor zijn ouders kon hebben. De rechercheurs antwoordden dat dit een zaak van justitie was. [aanvrager] verzocht daarop een gesprek onder vier ogen met een adjudant van het rechercheteam. Tijdens het daaropvolgende gesprek, omstreeks 22.30 uur, bekende [aanvrager] dat hij [slachtoffer] op 10 november 1981 omstreeks 11.00 uur door middel van een vuurwapen had gedood, omdat hij met [slachtoffer] een liefdesverhouding zou hebben en [slachtoffer] niet eerlijk was geweest in deze verhouding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcbb1b24f4c1eb0a9eca602f7e547d73ce70b3cfbadf52d43f84d4ab5a36d953. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcbb1b24f4c1eb0a9eca602f7e547d73ce70b3cfbadf52d43f84d4ab5a36d953, en de alinea staat in dat document op bytes 24442 tot 25465.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcbb1b24f4c1eb0a9eca602f7e547d73ce70b3cfbadf52d43f84d4ab5a36d953 | shasum -a 256