Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014
Onder 1.4 Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:74.
De rechtbank heeft in haar beschikking van 21 september 2012 met betrekking tot de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter overwogen dat art. 8 Brussel II-bis van toepassing is en dat het daarin gehanteerde begrip ‘gewone verblijfplaats’ overeenkomstig de rechtspraak van het Hof van Justitie van de EU verordeningsautonoom moet worden uitgelegd. De rechtbank heeft overwogen dat op 21 april 2012 de moeder met de kinderen naar Israël is vertrokken, terwijl het verzoek van de vader kort daarna, op 25 april 2012, is ingediend. Volgens de rechtbank heeft de moeder daarmee wijziging gebracht in de verblijfplaats van de kinderen, maar is het de vraag of daarmee ook de ‘gewone verblijfplaats’ van de kinderen in de zin van art. 8 Brussel II-bis is gewijzigd. De rechtbank heeft, gelet op de zeer jeugdige leeftijd van de kinderen, deze vraag aan de hand van feiten en omstandigheden betreffende de partijen beantwoord en geconcludeerd dat beide kinderen op het moment van indiening van het verzoekschrift hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d17785ea80ea2959a14ff6ef8703f9018b6e4690a4c189cdd284f325612a635a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d17785ea80ea2959a14ff6ef8703f9018b6e4690a4c189cdd284f325612a635a, en de alinea staat in dat document op bytes 7044 tot 8195.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d17785ea80ea2959a14ff6ef8703f9018b6e4690a4c189cdd284f325612a635a | shasum -a 256