Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014
Onder 4.33 Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:76.
Dat toeschrijving van een deel van de kosten van het abonnement aan de telefoon geheel ‘willekeurig’ zou zijn, zoals is gesteld, vermag ik niet in te zien. Een mogelijke redelijke toerekening zou zijn dat kosten worden gedeeld door het aantal maanden van de minimumperiode van het abonnement en in gelijke delen worden toegerekend aan die maanden (vgl. het bij 4.21 bedoelde rapport). Misschien is het zo dat bepaalde aanbieders de kosten intern op een andere wijze toerekenen, maar ook dat zal dan gebeuren op redelijke gronden en niet willekeurig.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be, en de alinea staat in dat document op bytes 89756 tot 90322.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be | shasum -a 256