Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014
Onder 4.38.3 Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:76.
4. De kantonrechter volgt Intrum Justitia in deze stellingen. Het is namelijk een feit van algemene bekendheid dat het onder aanbieders van abonnementen voor mobiele telefonie een gebruikelijke handelspraktijk is zich van de concurrent te onderscheiden door potentiële contractanten bepaalde voordelen te bieden, waaronder een gratis telefoon. De enkele omstandigheid dat [gedaagde] voor een gratis telefoontoestel heeft gekozen, brengt naar het oordeel van de kantonrechter niet mee dat de tussen hem en Vodafone tot stand gekomen overeenkomst(en) als goederenkrediet of koop op afbetaling hebben te gelden. Daarbij is van belang dat [gedaagde], zoals Intrum Justitia onweersproken heeft gesteld, ook had kunnen kiezen voor een korting op de abonnementskosten. De verstrekking van de telefoon is derhalve geen hoofdverplichting van de tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst(en). Het subsidiaire verweer van [gedaagde], inhoudende dat de overeenkomst(en) nietig is (zijn), omdat niet is voldaan aan de vereisten van de Wck dan wel artikel 7A:1576 lid BW, wordt derhalve verworpen.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be, en de alinea staat in dat document op bytes 97357 tot 98462.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be | shasum -a 256