Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014

Onder 4.61 Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:76.

(i) De vraag ziet in het bijzonder op overeenkomsten gesloten tussen een persoon die in het kader van zijn beroep of bedrijf handelt (de aanbieder) en een natuurlijk persoon die handelt voor doeleinden die buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteiten vallen (de consument) waarbij een abonnement wordt afgesloten voor mobiele telefonie en eventuele daarmee verbonden diensten met een bepaalde (minimum)looptijd, die naar wordt aangenomen meer dan drie maanden is, en waarbij gekoppeld aan het abonnement de consument een ‘gratis’ telefoon ter beschikking wordt gesteld die eigendom van de consument wordt of kan worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb678abc5d8c4701319a7efb95fac2c121c483c2de8302e3e188a653ec2805be, en de alinea staat in dat document op bytes 124420 tot 125056.