Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2014
Onder 5.5 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:9.
De klachten dienen naar mijn mening echter te falen. In de eerste plaats kan worden geconstateerd dat het hof is uitgegaan van de criteria die volgen uit de rechtspraak van het EHRM over art. 1 EP. Zoals blijkt uit rov. 3.27 e.v. gaat het hof er vanuit dat het Nederlandse recht verdragsconform moet worden uitgelegd en toegepast. Dat het hof de toepassing van art. 1 EP inbedt in bepalingen van het nationale recht ligt voor de hand nu het gaat om een horizontale verhouding. Daarover klaagt het middel als zodanig niet, maar wel over de gevolgen die dat volgens het middel heeft voor de wijze waarop de toets wordt uitgevoerd. Het middel stelt een intensieve toets door het EHRM tegenover een terughoudende en marginale toets door het hof aan art. 6:248 lid 2 en 6:258 BW. Deze schets doet mijns inziens geen recht aan de aanpak van het hof.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41d02cfd1a7f4df027127e73b55f62deaa11ccc6844b60ab20c6542bd543ab96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41d02cfd1a7f4df027127e73b55f62deaa11ccc6844b60ab20c6542bd543ab96, en de alinea staat in dat document op bytes 107551 tot 108521.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41d02cfd1a7f4df027127e73b55f62deaa11ccc6844b60ab20c6542bd543ab96 | shasum -a 256