Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 januari 2015

Onder 4.8. Parket bij de Hoge Raad 6 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1.

Voor zover de klacht berust op de opvatting dat het verzoek tot het doen van nader onderzoek beoordeeld had moeten worden aan de hand van het criterium van het verdedigingsbelang, faalt zij omdat die opvatting onjuist is. Om een getuigenverzoek gaat het immers niet. Het door de verdediging gedane verzoek tot het doen van nader onderzoek naar de identiteit van de onbekende beller is een verzoek als bedoeld in art. 328 jo. 316 Sv. Maatstaf voor een dergelijk verzoek is het noodzaakcriterium. Het Hof heeft bij zijn beslissing dus de juiste maatstaf gehanteerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13bd01fe281165ac993aaefc339404728707447e41d5be5e0b046e3b7efe7a16. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13bd01fe281165ac993aaefc339404728707447e41d5be5e0b046e3b7efe7a16, en de alinea staat in dat document op bytes 17980 tot 18556.