Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 januari 2015
Onder 4.12. Parket bij de Hoge Raad 6 januari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1.
Niet geheel duidelijk is waarin het verschil met vroeger precies zit. Het laat zich echter gezien het gedane beroep op art. 80a RO aanzien dat het verschil mede of misschien wel vooral gezocht moet worden in een sterkere oriëntatie op het belang dat de verdachte (of het openbaar ministerie) bij de klacht heeft. Het zou mij daarbij niet verbazen als dat belang, voor zover het om een cassatieberoep van de verdachte gaat, wordt gekoppeld aan diens recht op een eerlijk proces. Bij de klacht bestaat dan onvoldoende belang als aan het recht op een eerlijk proces door het niet horen van de getuige niet wezenlijk afbreuk is gedaan. Bij die benadering verschuift het perspectief. De vraag is niet langer of de zittingsrechter het gedane verzoek mocht afwijzen zonder vooruit te lopen op de bewijsbeslissing, maar of, achteraf gezien, het gevolg van de afwijzende beslissing is geweest dat de verdachte geen eerlijk proces heeft gehad. Bij die vraagstelling, waarbij het proces ‘as a whole’ wordt bezien, bestaat er meer dan vroeger ruimte om de bewijsconstructie in de beoordeling te betrekken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13bd01fe281165ac993aaefc339404728707447e41d5be5e0b046e3b7efe7a16. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13bd01fe281165ac993aaefc339404728707447e41d5be5e0b046e3b7efe7a16, en de alinea staat in dat document op bytes 20821 tot 21933.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/13bd01fe281165ac993aaefc339404728707447e41d5be5e0b046e3b7efe7a16 | shasum -a 256