Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 februari 2015

Onder 4.8 Parket bij de Hoge Raad 20 februari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:129.

Maar de onder 4.7 verwoorde opvatting betekent niet dat de rechter een vrijbrief heeft of zou moeten hebben om de wetgever onnodig voor de voeten te lopen. Alleen als dat werkelijk onvermijdelijk is, is er m.i. een taak voor de rechter weggelegd om het terrein van wetgeving (in formele zin) te betreden. Die noodzaak ontbreekt wanneer (inmiddels is komen vast te staan dat) het voor de procedure relevante deel van een wetsontwerp dat de inzet was van een procedure niet tot wet zal worden verheven en/of dat de eisende partij anderszins geen materieel belang (meer) heeft bij haar vordering, zoals het Hof in cassatie niet bestreden heeft geoordeeld; zie hiervoor onder 3.3.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f690ea9a7bf4bd0b4a255797545ffdf1e72511a25eb411c505dbfff8fa5de932. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f690ea9a7bf4bd0b4a255797545ffdf1e72511a25eb411c505dbfff8fa5de932, en de alinea staat in dat document op bytes 51119 tot 51844.