Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 februari 2015
Onder 4.36 Parket bij de Hoge Raad 20 februari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:129.
Onderdeel 3.1 klaagt dat het Hof heeft miskend dat indien meerdere eisers dezelfde vordering instellen en een deel van hen (in casu: [verweerders]) in het ongelijk wordt gesteld, laatst bedoelden op grond van art. 237 Rv ten gunste van de gedaagde in de kosten moeten worden veroordeeld, ongeacht de beslissing ter zake van de vordering van de andere eiser(s). Dit geldt in ieder geval indien de gedaagde specifiek op de in het ongelijk gestelde eisers betrekking hebbende verweren heeft moeten voeren. Voor de proceskostenveroordeling in eerste aanleg en hoger beroep maakt het dus wél uit of mede-eisers wel of niet ontvankelijk zijn, zodat het Hof zulks niet in het midden mocht laten. Indien het Hof het voorgaande niet heeft miskend, is - zonder nadere motivering, die ontbreekt - onbegrijpelijk dat het Hof oordeelt dat het voor de proceskostenveroordeling in eerste aanleg en hoger beroep niet uitmaakt of [verweerders] wel of niet-ontvankelijk zijn en dat (dus) in het midden kan blijven of [verweerders] terecht niet-ontvankelijk zijn verklaard, temeer omdat de Staat in het onderhavige geval specifiek op [verweerders] betrekking hebbende verweren heeft gevoerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f690ea9a7bf4bd0b4a255797545ffdf1e72511a25eb411c505dbfff8fa5de932. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f690ea9a7bf4bd0b4a255797545ffdf1e72511a25eb411c505dbfff8fa5de932, en de alinea staat in dat document op bytes 81453 tot 82684.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f690ea9a7bf4bd0b4a255797545ffdf1e72511a25eb411c505dbfff8fa5de932 | shasum -a 256