Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015

Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1295.

Paragraaf 3.6.1 en verder, waarin de uitgangspunten voor de grootte van de vermindering van de hoofdstraffen in het strafrecht voor meerderjarigen worden vermeld, maken deel uit van de regels die de Hoge Raad in zijn arrest heeft geformuleerd voor de “Toetsing door de Hoge Raad als feitenrechter”(paragrafen 3.2-3.6.4). De hiervoor genoemde regel in paragraaf 3.21 maakt daarentegen deel uit van de regels voor de “Toetsing door de Hoge Raad als cassatierechter” (paragrafen 3.7-3.24). De pendant van paragraaf 3.6.1 en verder is paragraaf 3.22 (e.v.). Paragraaf 3.22 noemt geen strafmodaliteiten en is niet beperkt tot de hoofdstraffen van het strafrecht voor meerderjarigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebdc9e098512f227d6012cb0193216ec046bb54cf3cced0d6f70157c62d46568. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebdc9e098512f227d6012cb0193216ec046bb54cf3cced0d6f70157c62d46568, en de alinea staat in dat document op bytes 40782 tot 41481.