Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015
Onder 4.8. Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1378.
Uit het vorenstaande kan naar het oordeel van de rechtbank worden afgeleid dat de wetgever heeft beoogd het toepassingsbereik van artikel 40 van de IW uit te breiden. Uit de wetsgeschiedenis kan niet worden afgeleid dat de wetgever heeft beoogd de toepassing van artikel 40, eerste lid, van de IW met ingang van 1 januari 2001, in afwijking van artikel 40, eerste lid, van de IW (oud) te beperken tot natuurlijke personen die een belangrijke zeggenschap hebben in een vennootschap. Dat in artikel 40, vijfde lid IW 1990, anders dan in artikel 40, eerste lid, IW 1990, naast het begrip “aandeelhouder” tevens het begrip “belanghouder” is opgenomen duidt weliswaar op een inconsistent gebruik van het eerste begrip, maar dit brengt naar het oordeel van de rechtbank niet met zich mee dat onder “aandeelhouder” niet tevens een lichaam kan worden verstaan. Het gelijk is aan de zijde van verweerder.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ab2ebfc998bd9d8b81910de63a58d3c4696423d012ef0afa0e5ddc456e4a5f49. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ab2ebfc998bd9d8b81910de63a58d3c4696423d012ef0afa0e5ddc456e4a5f49, en de alinea staat in dat document op bytes 67041 tot 67961.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ab2ebfc998bd9d8b81910de63a58d3c4696423d012ef0afa0e5ddc456e4a5f49 | shasum -a 256