Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015

Onder 4.31 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1379.

De koopovereenkomst doet voor de verkoper de verplichting ontstaan de verkochte zaak in eigendom over te dragen, waarbij de afgeleverde zaak aan de overeenkomst moet beantwoorden. De verplichting van de koper is die tot het betalen van de overeengekomen prijs. Tot het moment van levering berust het risico van tenietgaan van de zaak bij de verkoper. Het prijsrisico berust in de regel bij de koper. Waardeontwikkelingen van het vermogensbestanddeel na het sluiten van de overeenkomst gaan dus in principe uitsluitend de koper aan. Hoewel koper jegens de verkoper slechts een recht op levering heeft (tegen de overeengekomen prijs), is zijn belang bij het goed dus meeromvattend. Het verschil met economisch eigendom schuilt dus in het risico van tenietgaan. De vraag is of dit verschil voldoende is om activering en de kwalificatie bedrijfsmiddel tegen te houden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7735975bc7796e78ee5d47ca98b32c93f3d3a3360376637a16f331e0bd208cfa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7735975bc7796e78ee5d47ca98b32c93f3d3a3360376637a16f331e0bd208cfa, en de alinea staat in dat document op bytes 157108 tot 157985.