Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015
Onder 2.25. Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:149.
Daarmee ziet de prejudiciële vraag – gelet op art. 6:119 BW in verbinding met art. 6:83 aanhef en onder b BW – op de vraag wanneer de onderhavige verbintenis tot schadevergoeding inzake de termijnbetalingen (rente en eventuele aflossing) opeisbaar is en daarmee op de vraag wanneer de schade is geleden of geacht moet worden te zijn geleden, op het moment dat de termijnbetalingen zijn gedaan zodat maandelijks (in geval het gaat om maandelijkse termijnen) wettelijke rente verschuldigd is geworden, of eerst vanaf de datum waarop de effectenleaseovereenkomst(en) wordt beëindigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/27eaa8ccdd3fcb1a5ddc978f603294715cf876c09118fcfe7e7120163a7c9a18. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 27eaa8ccdd3fcb1a5ddc978f603294715cf876c09118fcfe7e7120163a7c9a18, en de alinea staat in dat document op bytes 69465 tot 70066.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/27eaa8ccdd3fcb1a5ddc978f603294715cf876c09118fcfe7e7120163a7c9a18 | shasum -a 256