Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015

Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:149.

Voor het intreden van verzuim is in het algemeen een ingebrekestelling nodig. Art. 6:83 aanhef en onder b BW bepaalt evenwel dat het verzuim zonder ingebrekestelling intreedt wanneer de verbintenis voortvloeit uit onrechtmatige daad of strekt tot schadevergoeding als bedoeld in art. 6:74 lid 1 BW en de verbintenis niet terstond wordt nagekomen. Naar huidig recht geldt derhalve dat de wettelijke rente verschuldigd wordt ingeval een verbintenis tot betaling van schadevergoeding in geld wegens onrechtmatige daad niet terstond wordt nagekomen nadat zij opeisbaar is geworden. Daarmee is tegemoetgekomen aan de wens om de wettelijke rente in gevallen als bestreken door genoemd wetsartikel zo spoedig mogelijk te laten ingaan. Voor de ingangsdatum van de wettelijke rente wegens vertraging in de voldoening van de vordering tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad is aldus bepalend de vraag op welk moment de vordering tot schadevergoeding opeisbaar is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/27eaa8ccdd3fcb1a5ddc978f603294715cf876c09118fcfe7e7120163a7c9a18. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 27eaa8ccdd3fcb1a5ddc978f603294715cf876c09118fcfe7e7120163a7c9a18, en de alinea staat in dat document op bytes 42638 tot 43614.