Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015
Onder 2.14. Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:156.
Het gebruik van de term ‘ post mortem’ -onderzoek voor een psychiatrisch onderzoek na het overlijden is in zwang geraakt nadat het NIFP een onderzoek had ingesteld naar de psychische gesteldheid van de overleden dader van de geruchtmakende aanslag tijdens de viering van Koninginnedag in Apeldoorn in 2009. Een rapportage daarvan is aan de Tweede Kamer ter kennisneming overgelegd . Sindsdien heeft het NIFP meermalen onderzoeken van deze aard uitgevoerd naar de psychische gesteldheid van personen die homicide hebben gecombineerd met suïcide , al dan niet in gezinsverband. Het NIFP zelf spreekt van een ‘psychiatrische en psychologische autopsie’. Deze rapporten leveren geen bijdrage aan een beslissing over vervolging van de dader: vervolging van een overledene is niet mogelijk. Zulke rapporten hebben tot doel:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d3d221e87a0d06011b10f28d3717eac02270a80c44f420e3b6a26786531d2fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d3d221e87a0d06011b10f28d3717eac02270a80c44f420e3b6a26786531d2fb, en de alinea staat in dat document op bytes 33806 tot 34811.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9d3d221e87a0d06011b10f28d3717eac02270a80c44f420e3b6a26786531d2fb | shasum -a 256