Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015

Onder 2.26. Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:156.

Onderdeel 2.7 klaagt dat het oordeel van het hof (dat niet aannemelijk is geworden dat de persoonsgegevens in het NIFP-rapport in het kader van een ‘strafvorderlijk onderzoek’ zijn verkregen) onbegrijpelijk is. Eisers wijzen erop dat het OM zichzelf bevoegd heeft geacht om deze onderzoeksopdracht aan het NIFP te geven, hoewel het OM wist dat de schutter al was overleden en dus niet kon worden vervolgd. Onderdeel 2.8 voegt hieraan toe dat niet aannemelijk is dat het Openbaar Ministerie zonder een wettelijke grondslag deze onderzoeksopdracht heeft gegeven. Onderdeel 2.9 klaagt dat het hof geen aandacht heeft besteed aan de stelling van eisers dat het onderzoek door het NIFP deel uitmaakte van een grootschalig opsporingsonderzoek naar de achtergronden van het schietincident, de persoon van de schutter, de identificatie van slachtoffers en mogelijke betrokkenheid van een of meer derden. Onderdeel 2.10 wijst op de stelling van eisers dat aan de zaak (bedoeld zal zijn: aan de ingezonden processen-verbaal over het schietincident) een parketnummer is toegekend. Onderdeel 2.11 besluit dat rov. 3.2 – 3.4 het oordeel van het hof niet kunnen dragen. Om dezelfde reden kan volgens onderdeel 2.12 ook het hierop voortbouwende oordeel in rov. 3.5 niet in stand blijven. Deze motiveringsklachten lenen zich voor gezamenlijke behandeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d3d221e87a0d06011b10f28d3717eac02270a80c44f420e3b6a26786531d2fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d3d221e87a0d06011b10f28d3717eac02270a80c44f420e3b6a26786531d2fb, en de alinea staat in dat document op bytes 54580 tot 56158.