Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015

Onder 2.32. Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:156.

Onderdeel 3.1 klaagt dat dit oordeel uitgaat van een onjuiste rechtsopvatting: de term ‘rechtsbetrekking’ in art. 843a lid 1 Rv ziet niet op de verhouding tussen eisers en degene tegen wie de vordering tot afgifte is ingesteld (hier: de Staat), maar op een rechtsbetrekking waarbij eisers partij zijn en waarop de opgevorderde bescheiden betrekking hebben. De onderdelen 3.2 en 3.3 bouwen voort op deze klacht. Onderdeel 3.2 benadrukt dat het hof heeft miskend dat het arrest van de Hoge Raad van 18 februari 2000 waarnaar het hof verwijst , betrekking had op het recht zoals dit tot 1 januari 2002 luidde. Naar huidig recht staat volgens eisers aan toewijzing van hun op art. 843a lid 1 Rv gebaseerde vordering niet in de weg dat geen rechtsbetrekking bestaat tussen hen en de partij tegen wie de vordering tot afgifte is gericht. De klachten lenen zich voor een gezamenlijke behandeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d3d221e87a0d06011b10f28d3717eac02270a80c44f420e3b6a26786531d2fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d3d221e87a0d06011b10f28d3717eac02270a80c44f420e3b6a26786531d2fb, en de alinea staat in dat document op bytes 60880 tot 61929.