Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015
Onder 3.2.2 Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:162.
Blijkens de vaststelling in rov. 2.3 van zijn arrest heeft het hof genoemd proces-verbaal van de mondelinge behandeling bij de rechtbank gerekend tot de stukken van het geding. Nu uit de overige stukken van het geding niet blijkt dat partijen het proces-verbaal hebben overgelegd of ten tijde van de behandeling van het hoger beroep over het proces-verbaal beschikten en het bij de klacht gaat om een mogelijke schending van het fundamentele beginsel van hoor en wederhoor, heeft de Hoge Raad aanleiding gezien om op de voet van art. 83 RO ambtshalve inlichtingen in te winnen bij de rechtbank en het hof inzake de toezending van het proces-verbaal. Blijkens de naar aanleiding hiervan door de Hoge Raad van de rechtbank ontvangen brief van 24 september 2012 is het proces-verbaal opgesteld op verzoek van het hof en is geen afschrift aan partijen gezonden. Volgens nadien telefonisch door de griffie van het hof aan de griffier van de Hoge Raad verstrekte inlichtingen heeft ook het hof geen afschrift van het proces-verbaal aan partijen toegezonden. Daarmee staat vast dat het hof recht heeft gedaan op het proces-verbaal, zonder dat partijen daarover beschikten en zich over de inhoud daarvan hebben kunnen uitlaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d7df38fe13f8fec3ed68cd6fd34714f63aaf2637a301a9458709ab8a16c9d921. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d7df38fe13f8fec3ed68cd6fd34714f63aaf2637a301a9458709ab8a16c9d921, en de alinea staat in dat document op bytes 12864 tot 14096.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d7df38fe13f8fec3ed68cd6fd34714f63aaf2637a301a9458709ab8a16c9d921 | shasum -a 256