Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 augustus 2015
Onder 3.10 Parket bij de Hoge Raad 14 augustus 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 augustus 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1669.
Onderdeel 3.2 klaagt - kort gezegd - dat de (vermeende) voorwaardelijkheid van de verbintenis onverlet laat dat de verbintenis wel bestaat, zij het dan ook dat zij slechts werking heeft als aan de voorwaarde is voldaan. De “vermeende voorwaardelijkheid” zou niet relevant zijn voor de vraag of [verweerster] onrechtmatig jegens [eiseres] c.s. heeft gehandeld, wat door het Hof zou zijn miskend. Daarmee ontvalt, volgens [eiseres] c.s., ook de basis aan rov. 8.8.6 en 8.8.7 waarin wordt overwogen dat ‘gelet op het hiervoor overwogene’ en ‘gelet op het vorenstaande’ [verweerster] niet onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eiseres] c.s.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e79fbb448d239e7f52339424006ddf5af98f269541ebbf684dad17e25ae5ba2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e79fbb448d239e7f52339424006ddf5af98f269541ebbf684dad17e25ae5ba2d, en de alinea staat in dat document op bytes 34761 tot 35466.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e79fbb448d239e7f52339424006ddf5af98f269541ebbf684dad17e25ae5ba2d | shasum -a 256