Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 september 2015

Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 11 september 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1882.

Buiten dat daarmee vaste rechtspraak is dat art. 31 Rv niet, althans niet door de rechter, kan worden opgerekt, zou ik een dergelijk voorstel ook nooit in een geval als het onderhavige doen. Het hof heeft namelijk aan de aanvankelijk niet aan hem ter beschikking gestelde antwoordakte beslissende betekenis toegekend waardoor de zaak in het oordeel van het hof is gekanteld ten voordele van [verweerster] c.s. Een op die wijze tot stand gekomen uitspraak bevat dan per definitie niet een – voor partijen en derden duidelijke - kennelijke vergissing, maar zou herstel van een (ernstig) processueel verzuim hebben betekend . Daarvoor is art. 31 Rv niet bedoeld .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa0bc781f251352710806a4c6027bb9d19602890578af68df7a984b8971c9b57. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa0bc781f251352710806a4c6027bb9d19602890578af68df7a984b8971c9b57, en de alinea staat in dat document op bytes 25270 tot 26071.