Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015

Onder 1.6 Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:191.

Het hof oordeelt (in rov. 3.5) dat [verzoeker] zijn verweer, inhoudende dat hij slechts enkele telefoongesprekken en lichte administratieve werkzaamheden voor [A] heeft verricht, in het licht van de hiervoor aangehaalde verklaringen onvoldoende met concrete feiten en omstandigheden heeft onderbouwd. Het lag op de weg van [verzoeker] om ter motivering van zijn betwisting specifieker in te gaan op hetgeen in de verschillende verklaringen omtrent de werkzaamheden van [verzoeker] voor [A] is vermeld. Bij gebreke van een voldoende gemotiveerde betwisting neemt het hof aan dat [verzoeker] werkzaamheden heeft verricht voor [A] van een zodanige omvang, dat hij feitelijk de onderneming heeft geleid. Het hof is van oordeel dat [verzoeker] wist, dan wel behoorde te weten, dat hij in het kader van de schuldsaneringsregeling de bewindvoerder diende te informeren over alle aangelegenheden die voor de regeling van belang kunnen zijn, ook over de door hem voor [A] verrichte werkzaamheden. In die zin is [verzoeker] naar het oordeel van het hof toerekenbaar tekortgeschoten in de in art. 288 lid 1 sub c Fw genoemde informatieverplichting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd289fad295e487f886fd1b747f42e4e6fe1e95b4c1af801b7cd90aa0c54fc10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd289fad295e487f886fd1b747f42e4e6fe1e95b4c1af801b7cd90aa0c54fc10, en de alinea staat in dat document op bytes 8501 tot 9651.