Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 september 2015

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 1 september 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1932.

10. Ik wijs er nog op dat het hof door niet te toetsen of beginselen van behoorlijke procesorde in de weg stonden aan het overleggen van het door de verdediging toegezonden rapport, maar zich de vraag te stellen of het hof zich “voldoende geïnformeerd en voorgelicht acht” en of voeging noodzakelijk is voor enige in de zaak te nemen beslissing, het door de Hoge Raad gegeven toetsingskader heeft miskend en een onjuiste maatstaf heeft aangelegd. Dat leidt tot nietigheid van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep en de naar aanleiding daarvan gegeven uitspraak. Hoewel in de schriftuur art. 414, eerste lid, Sv niet wordt genoemd, meen ik dat de eerste twee middelen er naar de kern genomen over klagen dat het hof het ingezonden onderzoeksrapport niet bij zijn beraadslaging heeft betrokken. De middelen zijn, aldus beschouwd, terecht voorgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1bf2b2c56072998ec6252266f5f42bed9ff3e40660c872d5b91dd1362ab2f9dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1bf2b2c56072998ec6252266f5f42bed9ff3e40660c872d5b91dd1362ab2f9dd, en de alinea staat in dat document op bytes 19199 tot 20078.