Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 2015
Onder 2.1 Parket bij de Hoge Raad 18 september 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1971.
Het voorgedragen cassatiemiddel bevat zes onderdelen (2.1 t/m 2.6), waarvan de onderdelen 2.1 t/m 2.5 ieder bestaan uit meer subonderdelen. Tussen de onderdelen 2.1 t/m 2.4 bestaat deze samenhang dat zij zich richten tegen de rov. 3.7.1 t/m 3.7.4 jo rov. 3.9. In die rechtsoverwegingen komt het hof tot de slotsom, kort gezegd, dat na de door [verweerster] doorgevoerde wijzigingen er vanwege het verschil tussen de door de partijen gebruikte logo’s met bijbehorende alsnog ingevoerde onderschriften, zowel voor zover dat gebruik de gevelbelettering betreft als ziet op het briefpapier en de website, geen verwarring is te duchten als gevolg van het gebruik van de handelsnaam ‘ [verweerster] ’ door [verweerster] . Onderdeel 2.5 keert zich tegen rov. 3.8 jo. rov. 3.9, waarin het hof tot de slotsom komt dat, voor zover de oude domeinnaam www. [B] .nl en de oude e-mail adressen @ [B] .nl nog door [verweerster] worden gebruikt, dat gebruik geen strijd met de handelsnaam ‘ [verzoekster] ’ oplevert. Onderdeel 2.6 bevat een veegklacht zonder zelfstandige betekenis.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/885c4fa86035f22972f21c90847270c1bd0c3e276db780010a4af022c82e4d17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 885c4fa86035f22972f21c90847270c1bd0c3e276db780010a4af022c82e4d17, en de alinea staat in dat document op bytes 12701 tot 13870.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/885c4fa86035f22972f21c90847270c1bd0c3e276db780010a4af022c82e4d17 | shasum -a 256