Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 september 2015

Onder 5.1. Parket bij de Hoge Raad 29 september 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1996.

Voor het geval het middel niet tot cassatie leidt, verzoeken de opstellers van de schriftuur de Hoge Raad om op voet van art. 267 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (hierna: VWEU) prejudiciële vragen voor te leggen aan het HvJ EU. Die vragen zouden duidelijkheid moeten verschaffen over de vraag of en zo ja in hoeverre aan de door art. 6 EVRM gegarandeerde rechten, die op grond van art. 6 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (hierna: VEU) van rechtswege algemene beginselen van het recht van de EU vormen, een recht op aanwezigheid van een advocaat bij het politieverhoor kan worden ontleend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/544f2e858d7feb89d76e93dc34294e2b7920915f8a49994c7d8c659a95527280. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 544f2e858d7feb89d76e93dc34294e2b7920915f8a49994c7d8c659a95527280, en de alinea staat in dat document op bytes 26240 tot 26883.