Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2015

Onder 2.4 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2012.

Het middel bestrijdt terecht niet hetgeen het hof heeft overwogen in rechtsoverweging 2.1. In art. 3:301 BW zijn enige nadere eisen gesteld ter zake van uitspraken waarvan de rechter heeft bepaald dat zij in de plaats treden van een akte, bestemd tot levering van een registergoed . In dit geval gaat het om toepassing van het tweede lid, waarin onder meer is bepaald dat hoger beroep op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen acht dagen na het instellen van het rechtsmiddel moet worden ingeschreven in de registers, bedoeld in art. 433 Rv. Laatstgenoemde bepaling vormt een algemene grondslag voor het doen aantekenen van rechtsmiddelen in de rechtsmiddelenregisters ter griffie van de gerechten. Het betreft de ‘gewone’ rechtsmiddelen, die de tenuitvoerlegging van de aangevallen uitspraak schorsen, voor zover die uitspraak niet uitvoerbaar bij voorraad is verklaard .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/621909fe422d4ef67fe03ee3d4d05abbe909039c83512f12de9ae957c6fff8c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 621909fe422d4ef67fe03ee3d4d05abbe909039c83512f12de9ae957c6fff8c9, en de alinea staat in dat document op bytes 14928 tot 15946.