Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2015
Onder 2.24. Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2045.
Bij toepassing van art. 3:194 BW kan zich de vraag voordoen of het intreden van de sanctie op het tijdstip dat verdeling plaatsvindt wordt voorkomen indien, na het bedrog, de verzwegen goederen alsnog worden opgegeven. Snijders wil die mogelijkheid niet uitsluiten ingeval bij de boedelbeschrijving − waarmee wettelijk de verdeling wordt aangevangen (zie art. 3:194 lid 1 BW) − een bate opzettelijk is verzwegen en de betrokken deelgenoot uit eigener beweging het goed alsnog aanmeldt. Het zou anders zijn indien het goed pas boven water komt dankzij de alertheid van de overige deelgenoten . Het hof ’s-Hertogenbosch past de sanctie bovendien ook toe ten aanzien van een deelgenoot die (slechts) ten opzichte van de Belastingdienst tot “inkeer” was gekomen .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc59f31029ebe20e28b4ad80db86dd1935d10e1c79b53341678640ba19078121. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc59f31029ebe20e28b4ad80db86dd1935d10e1c79b53341678640ba19078121, en de alinea staat in dat document op bytes 40189 tot 41162.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc59f31029ebe20e28b4ad80db86dd1935d10e1c79b53341678640ba19078121 | shasum -a 256