Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2015
Onder 2.15 Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:21.
Deze bodemprocedure is een dagvaardingsprocedure, terwijl het intermezzo via de regels van de verzoekschriftprocedure loopt. In de bewoordingen van art. 1019cc Rv. heeft de uitkomst van de deelgeschilprocedure in de bodemprocedure te gelden als een eindbeslissing in een tussenvonnis in die procedure (lid 1) en kan daarvan “als van een tussenvonnis” hoger beroep worden ingesteld op twee wijzen (lid 3), waarbij ten aanzien van de eerste manier onder a. uitdrukkelijk over “de appellant” wordt gesproken. Dit wijst in de richting van de dagvaardingsprocedure. Daarnaast veronderstelt het voorschrift van art. 1019cc lid 3, aanhef en onder b, Rv. dat hoger beroep van de deelgeschilbeschikking kan worden ingesteld tegelijk met het hoger beroep van het eindvonnis in de bodemprocedure, één regime van appelleren, en wel dat van de dagvaardingsprocedure. Hoewel nergens met zoveel woorden in de parlementaire stukken staat vermeld dat op het hoger beroep van art. 1019cc lid 3 Rv. de dagvaardingsprocedure van toepassing is, lijkt dat m.i. wel de bedoeling .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3031ea42a67a9287706b67bb180ef54605faaf6a26a718aaea19f71fb5350a84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3031ea42a67a9287706b67bb180ef54605faaf6a26a718aaea19f71fb5350a84, en de alinea staat in dat document op bytes 32254 tot 33398.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3031ea42a67a9287706b67bb180ef54605faaf6a26a718aaea19f71fb5350a84 | shasum -a 256