Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2015
Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2200.
Subonderdeel 2.1 valt uiteen in vijf klachten 2.1.1 t/m 2.1.5 die (vooral) gericht zijn tegen rov. 5.5 t/m 5.10, waarin het hof heeft onderzocht of het gebruik van een zwakke base equivalent is aan het voor waterafsplitsing geclaimde specifieke zuur pTSA. In rov. 5.5 leest het hof in de beschrijving dat “op niet mis te verstane wijze wordt geopenbaard” dat 5β-OH-DRSP labiel is onder zure en basische omstandigheden en dus niet alleen onder invloed van het zuur pTSA, maar ook onder invloed van andere (Lewis)zuren en onder invloed van basen uiteenvalt in water en DRSP. Als de vakman dan ziet dat alleen een specifiek zuur wordt geclaimd, is sprake van disclosed but not claimed is disclaimed. Dan brengt volgens het hof de rechtszekerheid een restrictieve uitleg mee: daar valt alleen pTSA onder en in elk geval niet het gebruik van een base als pyridine (rov. 5.6). Voor deze uitleg zag het hof (verdere) steun in het feit dat de conclusies volgens het verleningsdossier in oppositie zijn teruggebracht tot één overgebleven claim met alleen pTSA (rov. 5.7, waaruit derden konden afleiden dat afstand was gedaan/geen bescherming was verleend voor andere waterafsplitsingsmethoden) en het gegeven dat Bayer in een afgesplitste aanvrage het gebruik van een base claimt voor waterafsplitsing (rov. 5.8). In rov. 5.9 overweegt het hof dat het oordeel van de examiner dat EP 840/WO 738 geen basis biedt voor een conclusie met een basische waterafsplitsing in het kader van een art. 123(2) EOV kwestie (een door Bayer opgeworpen argument) er niet aan af doet dat gebruik van basen in het algemeen zodanig duidelijk is geopenbaard in de beschrijving van EP 940, dat de hier in het kader van art. 69 EOV te maken afweging in het nadeel van Bayer uitvalt. Dus ook de aangepaste werkwijze van Sandoz’ toeleverancier maakt geen inbreuk op dit punt (rov. 5.10) en het Oberlandesgericht Düsseldorf zag dat ook zo, memoreert het hof in rov. 5.11. Dit lijkt mij een keurige redenering, die overigens vanwege de hoge mate van feitelijkheid hoofdzakelijk aan het hof is voorbehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6fac40210c6833121d575ede37dcabfc743789441612ea2babe90b163df956ec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6fac40210c6833121d575ede37dcabfc743789441612ea2babe90b163df956ec, en de alinea staat in dat document op bytes 148547 tot 150759.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6fac40210c6833121d575ede37dcabfc743789441612ea2babe90b163df956ec | shasum -a 256