Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 november 2015

Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 13 november 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 november 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2282.

“4.15 (…) In het licht van deze gang van zaken is het verwijt aan [betrokkene 1] dat hij de voortgang heeft gecompliceerd door de parkeerkwestie erbij te betrekken, niet terecht. [betrokkene 3] en [betrokkene 4] stelden zich immers op het standpunt dat zij die kwestie tegelijkertijd wilden regelen. Partijen, en dus ook hun adviseur [verweerster] , moesten zich daarbij neerleggen. Uit de overgelegde correspondentie blijkt dat [betrokkene 1] heeft geprobeerd de discussie in goede banen te leiden, zodat de parkeerproblematiek tot een oplossing zou komen. In dit opzicht kan [betrokkene 1] geen beroepsfout worden verweten. Het daarmee samenhangende verwijt dat [betrokkene 1] in de lente van 2009 ondanks een verzoek daartoe van [eisers] geen concept voor een geheel uitgewerkte leveringsakte heeft opgesteld, is daarom ook ongegrond: zolang de kwestie van de parkeerplaatsen niet was opgelost en de benodigde medewerking niet was verkregen, kon geen uitgewerkt concept van een leveringsakte worden opgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91bfd6af76820e041161e74303426970d0b069ca063b43d7835ef054db8b29ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91bfd6af76820e041161e74303426970d0b069ca063b43d7835ef054db8b29ba, en de alinea staat in dat document op bytes 30165 tot 31194.