Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 november 2015

Onder 2.21 Parket bij de Hoge Raad 27 november 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 november 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2350.

“Bij de beoordeling van de in de onderdelen vervatte klachten moet worden vooropgesteld dat de zorg die van een redelijk bekwame en redelijk handelende assurantietussenpersoon mag worden verwacht, meebrengt dat hij aan de verzekeraar voldoende inlichtingen geeft om deze ervan te weerhouden naderhand een beroep op art. 251 WvK te doen (HR 22 november 1996, nr. 16 078, NJ 1997, 718). Zulks brengt mee dat indien de tussenpersoon niet over voldoende gegevens beschikt of niet ervan mag uitgaan dat de gegevens waarover hij beschikt nog volledig en juist zijn, hij daarnaar bij zijn cliënt (de aspirant-verzekeringnemer) dient te informeren, ook wanneer het gaat om feiten betreffende een strafrechtelijke verleden, voor zover die feiten van belang zijn voor de beantwoording van vragen die de verzekeraar met betrekking tot het aangaan van de verzekering heeft gesteld.” ( )

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdcf8853c127d81cc558ee4c34cf664eff356d96fbb436a165e5deca0962e5c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdcf8853c127d81cc558ee4c34cf664eff356d96fbb436a165e5deca0962e5c3, en de alinea staat in dat document op bytes 41131 tot 42245.