Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015

Onder 2.22 Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2411.

Ook het hof is kennelijk ervan uitgegaan dat (buiten de werkingssfeer van het aanbestedingsrecht van de Europese Unie) een meervoudig onderhandse procedure toelaatbaar is. Volgens het hof is de aanbestedende dienst in beginsel vrij daarvoor de partijen te selecteren die hij gelegenheid tot inschrijving biedt. Zoals subonderdeel 2.1 (zie hiervóór onder 2.8) op zichzelf terecht betoogt, is de aanbestedende dienst niet slechts in beginsel , maar steeds vrij zelf de partijen te selecteren die tot die procedure worden toegelaten, nu zulks inherent is aan de meervoudig onderhandse procedure. Anders dan het subonderdeel betoogt, sluit die vrijheid echter niet uit dat het onder bijzondere omstandigheden onrechtmatig kan zijn om een bepaalde partij niet uit te nodigen. Ook in de meervoudig onderhandse procedure is de vrijheid van de aanbestedende dienst immers niet onbeperkt. Zo is de aanbestedende dienst gebonden aan de (zij het in een dergelijke procedure niet onverkort geldende) beginselen van gelijkheid en transparantie en moet hij zijn keuze van de tot de procedure toe te laten ondernemers aan de hand van objectieve criteria bepalen. In zoverre is het subonderdeel ongegrond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/009f0605d628741d0826efa0c92c4f8ee7bdd3177d6c5918261f6e8770c6fc7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 009f0605d628741d0826efa0c92c4f8ee7bdd3177d6c5918261f6e8770c6fc7a, en de alinea staat in dat document op bytes 70456 tot 71764.