Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015

Onder 2.15 Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2413.

Subonderdeel I.4.3 klaagt dat gegrondbevinding van de klachten van de subonderdelen I.4.1 en I.4.2 raakt aan de daarop volgende conclusie van het hof in de vierde, vijfde en zesde volzin van rov. 4.17 dat [verweerster] op 9 maart 2010 binnen de verjaringstermijn tot dagvaarding is overgegaan, dat haar vordering ten tijde van de dagvaarding niet was verjaard, en dat grief II van [eiser] faalt. Het subonderdeel vervolgt dat indien, onverhoopt, slechts de klacht in I.4.1 slaagt, dat óók de daarop voortbouwende conclusie van het hof in de vierde, vijfde en zesde volzin van rov. 4.17 raakt, nu die conclusie niet gedragen kan worden door de resterende (vermeende) stuitingshandeling, namelijk: de vermeende schriftelijke mededeling in de brief van 18 december 2009, en wel te meer nu het hof heeft nagelaten een onderzoek naar het aanvangsmoment van de onderhavige verjaringstermijn (zoals bedoeld in art. 3:310 BW) te verrichten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6593154e32a86fbc739190511cefe892de005038b2b9af7dd5e7d18c982e71a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6593154e32a86fbc739190511cefe892de005038b2b9af7dd5e7d18c982e71a, en de alinea staat in dat document op bytes 30589 tot 31583.