Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015
Onder 2.13 Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2414.
Uit het voorgaande volgt m.i. dat een door een partij gevorderde kostenveroordeling geen voorlopige voorziening is waarvoor de eis van spoedeisendheid geldt. Ook indien het materiële geschil inmiddels is opgelost of indien het spoedeisend belang in hoger beroep ontbreekt , dient de kort gedingrechter in hoger beroep immers de in eerste aanleg uitgesproken kostenveroordeling te toetsen aan de hand van de vraag of die partij in eerste aanleg wel terecht in de kosten is veroordeeld, welke beoordeling dan per definitie niet meer spoedeisend is. De gevorderde kosten van het hoger beroep dienen te worden beoordeeld aan de hand van de vraag wie in hoger beroep de in het ongelijk gestelde partij is. Daarvoor is spoedeisendheid evenmin vereist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d4ef4ecf5ceab6b8a1e664baadf9023bd05db7b356be9e7fdbd7faa445af93f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d4ef4ecf5ceab6b8a1e664baadf9023bd05db7b356be9e7fdbd7faa445af93f, en de alinea staat in dat document op bytes 26860 tot 27746.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d4ef4ecf5ceab6b8a1e664baadf9023bd05db7b356be9e7fdbd7faa445af93f | shasum -a 256