Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015
Onder 2.20 Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 december 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2414.
Zoals in de schriftelijke toelichting van Synthon (op p. 8) wordt betoogd is het niet gebruikelijk dat de appelrechter in kort geding zijn beslissing aanhoudt in afwachting van de definitieve beëindiging van het geschil. Er is evenwel geen regel die het de kortgedingrechter (in beginsel) verbiedt om zijn vonnis aan te houden totdat de bodemrechter zijn oordeel heeft gegeven en het kan in bepaalde gevallen ook efficiënt zijn om het te doen, bijvoorbeeld wanneer het vonnis van de bodemrechter aanstaande is. Indien de voorzieningenrechter de gevraagde voorlopige voorziening echter zo ingrijpend vindt dat hij zich, mede met het oog op een mogelijk andersluidend oordeel van de bodemrechter, terughoudend wil opstellen, moet hij de gevraagde voorziening afwijzen .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d4ef4ecf5ceab6b8a1e664baadf9023bd05db7b356be9e7fdbd7faa445af93f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d4ef4ecf5ceab6b8a1e664baadf9023bd05db7b356be9e7fdbd7faa445af93f, en de alinea staat in dat document op bytes 32696 tot 33541.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d4ef4ecf5ceab6b8a1e664baadf9023bd05db7b356be9e7fdbd7faa445af93f | shasum -a 256